| U kunt voor roterende gereed-schappen het aantal afdrukken in verhouding tot het referentiedrukwerk (standkleur) vastleggen. | |||||
| Selecteer het gereedschap. | |||||
| Voorbeeld: | |||||
|
|
|||||
| Een roterend gereedschap wordt door dit symbool aangegeven. | |||||
| Bij de optie AFDRUKKEN: Leg het aantal afdrukken per formaat-lengte (cilinderomvang) in de loop-richting van de baan vast. |
|||||